PROJECTS

. Studies in vilt

at Art Chapel, Beatrixpark

. Naderhand

with Cordaan, Evean and Amstelring

. Speelwerk

for Burgerweeshuis, BPD

. the Hotel Chronicles

for Lloyd hotel

. de S+oplap

with Pakhuis de Zwijger

︎︎︎ Archive




CONTACT

Studio

Berberisstraat 16
1032 EL Amsterdam

studio [a] sannevandegoor.nl
+31 6 4179 1341



TIJDLIJNEN
Regeling Experiment

Mogelijk gemaakt door: Stimuleringsfonds Creatieve Industrie

september 2023




Een ontwerpend onderzoek vanuit de vraag of 
ik gedrag en patronen kan koppelen aan de publieke ruimte door grafische componenten en motieven uit archiefmateriaal te verbinden aan een specifieke plek?
1 - ARCHIEF
Mijn onderzoek begon met het verzamelen van archiefmateriaal rondom de Buisloterdijk. De plek die ik had gekozen als locatie, omdat het een historische dijk is en tegelijkertijd een straat zoals zovelen. Hoe maak ik dat specifiek en hoe haal ik die informatie uit een archief?
    Ik ben begonnen allerlei archieven door te spitten; het stadsarchief, het beeldarchief van Amsterdam Noord, vereniging Buiksloterdijk, het archief Historisch Amsterdam Noord en privé archieven. Ik heb met experts gesproken van het stadsarchief en Historisch Amsterdam Noord.
    Omdat er een lichtdrukkerij op de dijk gevestigd zat, had ik het geluk dat er heel veel beeldmateriaal te vinden is van het leven op en rond de straat vanaf 1900. Je ziet mensen en tijden veranderen, het textiel dat veranderde, kleding op straat, maar ook van gordijnen achter ramen. Ik heb gekeken naar beweging en houdingen in textiel, het leven dat daar in zit.
   
Ik heb de database van Modemuze geraadpleegd en gesproken met een historische kunstconservator van het Zuiderzeemuseum. Zij kon mij meer vertellen over streekdracht en de motieven en verhalen die daarbij horen, hoe dit gearchiveerd is. Maar ze vertelde ook dat het juist voor het alledaagse leven minder het geval is. Iemand kan een sterke herinnering hebben aan een bepaalde blouse, een stel gordijnen uit haar jeugd, het behang van zijn oma, maar dit
is persoonlijk. Het zijn private herinneringen die niet uit een archief te filteren zijn door mij. Ze raken niet aan een collectieve herinnering. Ik ben patronen tegengekomen die ‘dijk-eigen’ waren door bijvoorbeeld verenigingen en kostuums. Zo is er het plaatselijke voetbalteam van de Volewijckers en de gymnastiek club, Sparta, waarvan de kleding bepaalde kleuren en patronen heeft. Maar die herinnering is zo goed als uitgestorven en is daardoor niet meer verankerd in een gezamenlijk geheugen.

Ik heb materiaal op diverse manieren geordend, maar de stoffen, patronen en bewegingen werden inwisselbaar. Het had op iedere andere plek in Amsterdam/Nederland kunnen plaatsvinden rond dezelfde tijd.

Het enige echt karakteristieke en blijvende, is de dijk zelf. De specifieke architectuur, kenmerkend voor dit type lintdorp uit deze streek van Noord Holland. Aangelegd in de Middeleeuwen om regio Waterland te beschermen tegen het water van de Zuiderzee. Ik heb veel gelezen over
de verschillende gevels, het kleurgebruik en materiaalgebruik. Ik heb geprobeerd om daar patronen van te maken. Maar het werd illustratief en bovendien ging het voorbij aan het menselijke gedrag dat ik er zo graag bij wilde betrekken.

Na veel foto’s, archieven en experts, kwam ik erachter dat ik de vraag verkeerd stel. Het zijn niet patronen van specifieke locaties die ons iets vertellen, het is juist de inwisselbaarheid van de patronen die aanleiding vormen om een specifiek verhaal te vertellen. De herkenbaarheid zit hem in de levens, de tijd en in dit geval de straat die gedeeld is. Het decor dat onveranderd is gebleven in al die jaren. Patronen komen en gaan en komen weer terug, maar zijn meestal niet verbonden aan plekken. Dit klinkt als een open deur, maar gek genoeg begreep ik dit pas goed, nadat ik het zelf op allerlei manieren geprobeerd had anders aan te tonen.

Het is de omgeving van de dijk en de losse en lopende elementen die veranderen. Een stoep die al 200 jaar hetzelfde is, bomen groeien door, maar auto’s, de gordijnen, mensen die veranderen. Dit haakt aan bij het leven van alledag en de verschillende levens die geleefd zijn op de dijk.




 





















2 - ARCHETYPEN

Toch is er een hele groep patronen die wel degelijk doet denken aan een bepaalde periode, een ruimte in huis of een ritme van vroeger. Dit is niet gebonden aan een plek, laat staan een algemene straat. Het ‘grafische dna’ waar ik naar op zoek was lijkt zich meer in tijd dan in ruimte te bevinden. Dat inzicht werd een uitgangspunt voor de rest van het onderzoek.

Ik besloot archetypische patronen te gebruiken om verhalen van de dijk te vertellen, als aanleiding of achtergrond. Ik ben hiervoor onderzoek gaan doen in de stalenkamer van de bibliotheek van het Textielmuseum in Tilburg. Ik heb daar tientallen stalenboeken bekeken met archetypische streep- en ruitpatronen. Vaak gebruikt voor keuken en schoonmaak toepassingen. Inwisselbare, universele patronen. Patronen die niemand opmerkt, maar we allemaal kennen.

Verder ben ik op zoek gegaan naar archetypische streep- en ruitpatronen van internet en in het dagelijks leven van nu. Het archetype als oervorm. Ook heb ik zelf een verzameling aangelegd tijdens een vakantie in Italie. De foto’s heb ik daarna omgezet naar abstracte patronen om te kijken of het gevoel van de omgeving overeind blijft.










3 - BIBLIOTHEEK

Naast het archief werkte ik ondertussen verder aan een bibliotheek van patronen, gemaakt in tape. Op een intuïtieve manier verbind ik cliché’s en tijdsbeelden aan de tape. In ritme, kleur en compositie probeer ik het archetype te vangen.

De composities begonnen in streep. Van hoeveel invloed is de witruimte tussen de strepen? Wat verandert er door een gele of rode streep toe te voegen? Daarna onstonden al snel de ruiten, waar ik nog meer lagen en kleur kwijt kon. Is het mogelijk een oerbeeld op te roepen puur aan de hand van een aantal strepen? Kan ik gedachten of gevoelens dezelfde kant op sturen vanuit abstractie?

Deze bibliotheek blijft groeien en geeft me houvast bij het vertellen van mijn onderzoek naar patronen en archetypes.








4 - GLAZEN PANELEN

Een van de ontwerpvragen die ik had was hoe ik een motief in de publieke ruimte plaats, zodat het monumentaal wordt, zodat ik het patroon aan de openbare ruimte koppel. Wat voor medium gebruik ik en hoe maak ik een solide verbinding met de omgeving?

Ik kon uit het archief geen karakteristieke patronen halen, maar wel verhalen. Verhalen die gekoppeld waren aan de Buiksloterijk en aan specifieke huizen. Huizen die er nog steeds staan en waar inmiddels nieuwe verhalen worden gemaakt. Ik kwam erachter dat in sommige huizen al generaties lang dezelfde families wonen. Huizen die zijn gebleven, maar waar zich achter de ramen steeds nieuwe levens afspelen.    

Juist het glas als scheiding tussen het ‘binnen’ van huizen en buiten op straat vind ik interessant. In de spiegeling van het raam zie je de omgeving en is daardoor een weerspiegeling van het hedendaagse. Het decor van de dijk die onveranderd blijft en de verhalen die constant achter de gevels veranderen. Dit bracht mij op het idee om glazen panelen op straat te plaatsen waarbij verhalen uit het verleden worden verteld, maar die door transparantie en weerspiegeling een verbinding met het heden behouden. De panelen zouden geplaatst worden bij huizen of plekken waarover iets te vertellen is.

Door op die manier door de straat heen te lopen, beweegt de toeschouwer zich langs diverse scènes die zich in het verleden hebben afgespeeld en door bijvoorbeeld een audiotour zou je kunnen luisteren naar de verhalen.      

Op de glasplaten kunnen archiefbeelden te zien zijn, maar ook patronen die doen denken aan een bepaalde periode of een bepaald gegeven dat kenmerkend is voor het verhaal. Zoals matrozenpakjes bij de voormalige Buikslotermeerschool (nr. 236). Of de persoon die met een rode vlag wapperde als de Waterlandse tram eraan kwam bij het stationskoffiehuis van Swart (nr. 244).

Door de patronen op stof te drukken en bewegend of gevouwen te fotograferen ontstaat een levendigheid. Ik veranker de beweeglijkheid van stof daarmee in een architecturale vorm. De patronen vormen aanleiding om iets te vertellen. Een vorm om een toeschouwer mee te nemen
naar een bepaalde tijd of plek. Dit idee heb ik als schets en met beeldimpressies uitgewerkt.











5 - COMMON PLACES

Dit bracht mij erop omgevingen op een andere manier aan patronen te koppelen en dat uit te werken. Ik heb opstellingen gemaakt van neutrale, abstracte plekken met ‘tijdloze’ objecten als fruit, boter en glas. Later voegde ik ‘tijd’ toe aan de foto door de er patronen bij te zetten. Soms in de foto, door mijn patronen op stof te drukken en in de achtergrond te plaatsen. Soms achteraf middels collage. Ik maakte een verbinding tussen het archief en mijn bibliotheek. Kan een patroon een plek duiden? Kan een patroon een locatie naar een andere tijd brengen?

De foto’s werden gemaakt door fotograaf Sophie van Veen. De serie heet Common Places, en was afgelopen september te zien op GLUE Amsterdam in de Stadssalon in Amsterdam.












SLOTSOM

Terugkomend op de vraag > kan ik gedrag en patronen koppelen aan de publieke ruimte door grafische componenten en motieven uit archiefmateriaal te verbinden aan een specifieke plek?

Om hier een compleet antwoord op te geven zou ik de vraag nu in twee onderdelen splitsen.

1. Kun je grafische componenten en motieven uit archiefmateriaal aan de publieke ruimte koppelen?

In vorm heb ik een oplossing gevonden door scènes of patronen op glas te drukken waardoor motieven op een monumentale manier in de openbare ruimte worden geplaatst. Ik behoud de tactiele kant van het patroon, de beweging van stof, maar maak het transparant door het op glas te drukken. Hierdoor ontstaan er nieuwe lagen en vindt een koppeling met de omgeving plaats door weerspiegeling. Daarnaast is het glas weersbestendig en kan het uitstekend in de publieke ruimte worden geplaatst. In combinatie met bijvoorbeeld een audiotour zou op die manier een compleet verhaal kunnen worden verteld.    
    Door meerdere glazen panelen in een straat (of berm) te plaatsen, ontstaat er een serie waar langs gelopen of gefietst kan worden. Je beweegt je door een verhaal.


2. Kan ik gedrag en patronen van een specifieke plek onttrekken uit archiefmateriaal middels grafische componenten en motieven?

Na al mijn uren in de archieven moet ik bekennen dat het zeer lastig is om uit grafische componenten en motieven in fotomateriaal, gedrag en patronen te halen die iets specifieks zeggen over deze (willekeurige) plek. In dit fotoarchief heb ik van alles ontdekt en veel gelezen, maar het lukte mij niet om enkel op basis van patronen of grafische componenten het karakter van specifiek de Buiksloterdijk neer te zetten. Het gedrag had op iedere andere willekeurige plek in Nederland kunnen plaatsvinden, het was het decor dat het uniek maakte.

Ik besloot verder te gaan juist met de algemene, universele zaken die zich er afspelen. Ik ging door met archetypen en de universele herinnering aan patronen, het collectieve geheugen dat we hebben als het gaat om motieven.
    Patronen waren niet langer het doel, maar een aanleiding voor een gesprek of herinnering. Juist het leven van alledag, dat zich er constant afspeelt, dat wilde ik verbinden aan archetypische patronen. 
    Door de algemene patronen te plaatsen in de context van de karakteristieke Buiksloterdijk op het glas wordt er een hedendaagse koppeling gemaakt. De transparantie van het glas zorgt ervoor dat de omgeving letterlijk doorschemert.











2024 © STUDIO SANNE VAN DE GOOR